Open programmatuur (‘open source software’) bevat gemiddeld minder beveiligingskwetsbaarheden en codefouten dan commerciële software. Tenminste, zo lang het programma de 1 miljoen coderegels niet overschrijdt. Daarna wint de betaalde programmatuur het van de ‘ideële’: 0,75 codefouten per 1000 regels tegen 0,66. Dat blijkt uit een onderzoek van het Amerikaanse bedrijf Coverity, dat zich bezig houdt met het testen van nieuwe software.
Het onderzoek is een initiatief van het Amerikaanse ministerie voor binnenlandse veiligheid. Het eerste onderzoek werd uitgevoerd in 2006. Open programma’s worden gratis getest, commerciële programma’s worden getest tegen betaling. In het totaal zijn 68 miljoen regels open programmatuur getest (118 projecten) en 380 miljoen regels commerciële programmatuur (250 projecten).
Tot dit jaar bleek het niet uit te maken of een programma gratis of betaald was als het ging om beveiligingslekken en fouten in de code. Dit jaar lijken de commerciëlen het te gaan winnen bij de grote programma’s, terwijl de minder grote de open programmeurs het beter doen. Het zou wel eens kunnen zijn dat de groei van de open protuur de ‘ideëlen’ parten speelt. Nu hebben nog maar 13 open projecten meer dan 1 miljoen regels code. Maar de neiging is naar groter. In 2008 bedroeg de gemiddelde programmalengte 425 179 regels, dit jaar 580 000. Het foutengetal bij alle open programma’s steeg dan ook van 0,45 in 2008 naar 0,69 nu. Overigens is het verschil met de commerciële programma’s niet erg veel lager: 0,68. Bij programma’s tussen 500 000 en 1 miljoen regels scoren de ‘ideëlen’ twee keer zo goed: 0,44 tegen 0.98.
Bron: Wired
Soms wordt de glazen maatschappij wel heel letterlijk genomen. Budweiser Brazilië heeft een glas ontwikkeld waarmee je elkaars vrienden op smoelenboek wordt als je daarmee klinkt. Daar kan Google Glass van dromen. In het glas zit een stootsensor. In de bodem van het glas zit een
Het Witte Huis is met bommen bestookt en Obama is gewond, dat stond gister op het Twitter-profiel van het Amerikaanse persbureau 
Is er leven na de dood? Wel degelijk. Ook na je dood zal er op het wereldwijde web nog van alles van je te vinden zijn en misschien had je wel een profiel bij Facebook of LinkedIn. Google, de zorgzame Google, die daar veel geld mee verdient, denkt aan alles. De webreus heeft een nieuw dienst in het leven geroepen
CBP-voorzitter Jacob Kohnstamm
Weibo