Navo verklaart internet tot oorlogsterrein

Navo-secretaris-generaal Jens Stoltenberg: internet is oorlogsterrein

Navo-secretaris-generaal Jens Stoltenberg

Het lijkt al een tijdje oorlog op het wereldwijde web. De Amerikanen haken en kraken naar believen de Chinezen laten zich kennen, evenals de Russen en ook vanuit het Midden-Oosten worden giftige digitale pijlen gericht op dat vermaledijde westen. Nu heeft de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie, de Navo, internet tot oorlogsterrein verklaard, naast land, zee en lucht en dat allemaal nadat Poetin steeds benauwder wordt (zegt te worden) door de activiteit van de NAVO aan ‘zijn’ grenzen .

Zoals gezegd: op internet wordt al veel strijd geleverd. Dan heb ik het niet over allerlei opgewonden standjes die er genoegen in scheppen hun medemens te treiteren, maar over organisaties, al of niet gekoppeld aan overheden, die alles uit de kast halen hun tegenstanders te bespioneren of dwars te zitten. Onlangs werd bekend dat het netwerk van de Democratische partij in de VS door onbevoegden is bezocht evenals dat van de campagneorganisatie van presidentskandidaat Donald Trump. Chinese e-krakers braken in in de servers van een organisatie voor overheidspersoneel in de VS en Noord-Korea brak elektronisch in bij Sony, nadat dat bedrijf een parodie op de geliefde leider Kim Jong-un.
Nu dan die oorlogsverklaring van de Navo. “Het betekent dat we de verdediging tegen cyberaanvallen beter en efficiënter gaan coördineren”, zegt secretaris-generaal van de Navo Jens Stoltenberg. Dat betekent dat als een van de Navo-bondgenoten op het web wordt aangevallen, dat, volgens artikel 5 van het Navo-verdrag, die aanval kan worden beschouwd als een aanval op het bondgenootschap. Dat artikel is tot nog toe maar een keer gebruikt: bij de aanval op 9 september 2001.

Gigantisch territorium

Internet is niet te vergelijken met de andere ‘oorlogsterreinen’ (land, zee, lucht). Om te beginnen is het een gigantisch territorium. Oorlogsdoelen zijn niet alleen overheidsorganisaties, maar ook energie- en telecommunicatiebedrijven. In potentie kun je via het web een hele regio zonder elektra zetten of afsluiten voor telefoonverbindingen. Met het opkomen van het internet-der-dingen worden de strijdmogelijkheden alleen maar uitgebreid. Die aanvallen zijn ook moeilijk te voorzien en over de werkelijke aanvallers valt vaak alleen maar te gissen. Internet is geen terrein voor open vizier.
Spionage is nog lastiger te ontwaren en te bestrijden. Soms worden netwerken jarenlang getapt, voordat duidelijk wordt dat onbevoegden meeluisteren/-kijken. Dus proberen de actoren een verdediging te bedenken. Zo kondigde het vrij dictatoriale Singapore onlangs aan de internetverbinding van overheidsmedewerkers te kappen. Navo-lid Estland, in 2007 in feite van het web gegooid door aanvallen uit Rusland, wil dat anders aanpakken. Van allerlei overheidsgegevens worden kopieën gemaakt en gestald op servers van ambassades en in een ‘wolk’. Dat helpt je, vrees ik, hooguit tijdelijk uit de brand en wie vertrouwt er nog ‘wolken’? Het lijkt veel zinniger je systeem te isoleren van het wereldwijde web: de her(?)opleving van intranet. Wat, vrees ik, ook een gevolg zal zijn van deze oorlogsverklaring is dat inlichtingendiensten nog heftiger op internet zullen inbreken op zoek naar ‘soldaten’ op het wereldwijde web. Ik houd mijn hart vast.

Bron: New Scientist

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.